Leeftijd: Va. 4 jaar
Thema: ziek zijn, Kanker
Samenvatting:
Wat heeft buurvrouw Gerjanne, pap?’ Pieter pakt een legoblokje om zijn huis verder te bouwen. Samen met Derk maakt hij een legodorp. Papa gaat bij hen op de grond zitten. Hij zucht. ‘Het is niet zo mooi, jongens. De buurvrouw heeft borstkanker.’ Pieter kijkt papa verbaasd aan. ‘Kanker? Wat is dat?’ Bas, de buurjongen van Pieter, komt vaak bij Pieter spelen omdat zijn moeder naar het ziekenhuis moet. Ze heeft kanker. De moeder van Bas krijgt medicijnen om de kanker te stoppen, maar ze wordt er juist heel ziek en moe van. Zal de buurvrouw wel beter worden? vragen Pieter en Bas zich af.
Leessetting:
Kinderen krijgen soms al op jonge leeftijd te maken met kanker in hun nabije omgeving: een familielid, iemand uit de kerk of uit de buurt die ernstig ziek wordt. In dit boek wordt eenvoudig en beeldend uitgelegd wat het betekent als iemand kanker heeft. De moeder van Bas heeft borstkanker en zowel Bas als Pieter leven met haar mee. In het begin begrijpen ze van alles niet, bijvoorbeeld waarom de buurvrouw naar het ziekenhuis moet terwijl ze niet ziek lijkt. Ondertussen gaat het leven van Bas en Pieter verder en spelen ze samen. Erg mooi hoe de hele werkelijkheid zo mooi vertaald is in dit boek voor jongen kinderen.
Er is ook ruim aandacht voor de sociaal-emotionele beleving rondom een ziekteproces en voor de vragen die er kunnen leven bij kinderen.